Wednesday, February 15, 2012

 

PROCES MET DEN HEER HINLOPEN ( 1711 - 1713)

In der saake hangende voor den Hogen Rade in Hollant, tusschen Mr. Francois Hinlopen Penningmr. Van het ed. mog. Collegie de Admiraliteit binnen Amsterdam impt. in cas dáppel, ter eenre, ende Schaarmeesters van Naerden, ende van de respe. Gooysche dorpen, Laren, Huyssen, Hilversum ende Blaricum, mitsgaders Burgemeesteren en Regeerders der voorn. Stede Naerden, hen voor de Rade Provinciaal met de voorn. Schaarmeesters gevoegt hebbende gehadt ende nu beneffens dezelve Schaarmeesters gedaagdens in ‘t voorn. Cas, ter andere zijde, questie wesende ontstaan nopende het regt van schaarweyden breder ten processe vermelt, eerst voor den Rade Provinciaal van Hollandt ende bij appel voor desen Hogen Rade, was van wegen den impt. in desen voor den selven Rade Provinciaal gedaan allegueren, dat bij Previlegie van Hertog Aelbert van Beijenen van de jaren veertien hondert en drie, geconfirmeert door Jan van Beijeren Heere van Naerden en Goylant in den jare veertien hondert en seven, onder anderen was gestatueert, dat de inwoners van Naerden ende Goylant voornt. ende die daat Lantwinninge hadden gedaan, dat was dewelke aldaar enige landen besaten, het regt souden hebben van op enige Gemeente of Schaarweyden onder het voorsz. district te mogen jaegen ende doen weyden hunne schaarbeesten, sodanig dat uyt elken huys van het voorsz. district daar twee paar volkxs inwoonden twee schaarbeesten meer souden mogen gehouden werden als uyt een ander huys daar inne maar een paar menschen woonden, dat gelijk het voorsz. reght de opgemelde inwoners van Naerden en Goylant onverbreekelijk was competerende, sodanig dat het bij gevolg van tijden nog meer bevestigt als verandert was, des impts. voorouders mede al omtrent de hondert jaren sijn geweest poss- esseurs en besitters van t meerendeel der landerijen gelegen in Oud Bussem, onder de Banne van Huyssen in Goylant, omtrent de stad Naerden, en specialeik van het huys Oud Bussem, met desselfs regten ende geregtigheden, mitsgaders nog van diverse boere huysen aldaar gelegen, altoos het regt ende possesie van de voorsz. Scharweyden hadden geexerceert, in soo verre zelfs dat het


 
Posted by Picasa
PROCES TEGEN HINLOPEN - 1

 
Posted by Picasa
PROCES TEGEN HINLOPEN - 2

 
Posted by Picasa
PROCES TEGEN HINLOPEN - 3

 
Posted by Picasa
PROCES TEGEN HINLOPEN - 4

 
Posted by Picasa
PROCES TEGEN HINLOPEN - 5

 
Posted by Picasa
PROCES TEGEN HINLOPEN - 6

 
Posted by Picasa
PROCES TEGEN HINLOPEN - 7

 
Posted by Picasa
PROCES TEGEN HINLOPEN - 8

 
Posted by Picasa
PROCES TEGEN HINLOPEN - 9

Tuesday, February 14, 2012

 
Posted by Picasa
Hofstede Oud Bussem op de Gooilandkaart van 1723

Wednesday, November 24, 2004

 

HINLOPEN EIGENAAR OUD BUSSEM

FRANCOIS HINLOPEN
Begin achttiende eeuw waren de verhoudingen tussen gerechtigden en
niet-gerechtigden nog steeds onduidelijk Een zekere Francois Hinlopen bevond
zich eind zeventiende eeuw op een stuk land genaamd Oud-Bussem, waar eens
een boerderij met schaarrecht had gestaan. Er waren twee nieuwe boerderijen
op gebouwd. Eén op de plek van de door de Fransen platgebrande boerderij, één
daarnaast. Alleen de eerste boerderij verkreeg schaarrecht, op basis van de idee
dat het aan de grond verbonden was. Daarin woonde Michiel Hinlopen, de oom
van Francois. Francois Hinlopen wilde uiteraard hetzelfde recht voor de nieuwe
boerderij. Hij betaalde daarvoor een jaarlijkse vergoeding, maar in 1705
weigerde hij de betaling. Het schaarrecht zou hem net als de andere Gooiers toe
moeten vallen. Daarop liet hij zijn beesten grazen op de meent, zonder betaling
en zonder recht. De schaarmeesters grepen in en verklaarden zijn vee verbeurd.
Dat noemde men 'schutten'. Hinlopen diende een aanklacht in, en deed dat op
basis van de eerste schaarbief Achteraf is duidelijk waarom. De eerste
schaarbrief was het minst duidelijk in Me de gemeenschappelijke gronden mocht
gebruiken en verbond bijvoorbeeld het schaarrecht aan het bezit van een
boerenbedrijf (zie pag. 8). Tevens beriep hij zich op het dubbele schaarrecht
van de hofstede Oud-Bussem, verkregen in 1570. Echter, naast het feit dat
Francois Hinlopen geen man uit man geboren Gooier was (hoe vreemd dit ook
mag klinken), woonde hij niet in de boerderij waar eens de hofstede Oud-Bussem
had gestaan, maar in eentje daarnaast. Hij had dus geen poot om op te staan. In
1711 en 1713 kreeg Francois Hinlopen respectievelijk van het Hof van Holland en
de Hooge Raad ongelijk. In het kielzog en op instigatie van Francois Hinlopen
waren er nog een aantal bewoners en landbezitters uit het Gooi die als
gerechtigden erkend wilden worden. Grote problemen doemden op voor de
rechtmatige erfgooiers. Hinlopen had nogal wat invloed in hogere kringen en er
werd zelfs door de overheid bepaald dat de rechten van de erfgooiers door hen
zonder grond aangematigd waren. Nu kwamen de erfgooiers in beweging. Zij
dienden een verweerschrift in, met de woorden: 'dat niemant de gemeente mag
bewyden, dan een erfgoyer wiens voorouders het recht tot den veldslag op de
gemeente door haar gedane en bewese diensten aan de Graven hebben bekomen'.
Al met al bleven de zaken onduidelijk voor zowel de overheid als de leden van
de Gooise marke (of Stad en Lande van Gooiland). Er werd om duidelijkheid
gevraagd en besloten tot het maken van een kaart van Gooiland waarop precies
te zien zou zijn waar de marke (=gemeenschappelijke) gronden lagen. Daarnaast
moest een lijst van gerechtigden opgesteld worden.
Voordat de kaart klaar was lag de lijst er al. Hierop prijkten 1088 namen, als
Boelhouwer, Kos en andere nu nog veel voorkomende Gooise namen. De lijst gold
sedertdien als grondslag en wie gekwalificeerd wilde worden als erfgooier moest
bewijzen nakomeling te zijn van een van de 1088 mannen. In 1709 kwam de kaart
gereed, ver vaardigd door de landmeters Justus van Broeckhuysen en Freye Klaasz
Boelhouwer. In 1719 ontstond een nieuw geschil. Dit maal ging het om de grenzen
tussen Utrecht en het Gooi. Er werd opnieuw besloten een kaart te maken. Een
van de landmeters had de kaart van 1709 al eens gecorrigeerd. In 1723 kwam een
tweede en herziene versie in handen van Stad en Lande en deze is te zien op de
tentoonstelling. (Cat. nr. K.l.) De markegronden beslaan hier 6732 Rijnlandse morgen
(een morgen is in feite de hoeveelheid land die een boer kon verbouwen in een
dagdeel), omgerekend 5732 hectare.
In al zijn ijver om als niet erfgooier schaarrecht te verkrijgen schonk Hinlopen
de erfgooiers de ideale mogelijkheid om voor eens en voor altijd de rijen te
sluiten en de gemeenschappelijke gronden voor zichzelf te houden. We zagen dat
Hinlopen zich beriep op een oud stuk, de eerste schaarbrief, die hem de
argumenten gaf zijn zaak voor het gerecht te brengen. De erfgooiers op hun
beurt beriepen zich op de daaropvolgende schaarbrieven en leken aan het kortste
eind te trekken.
_______________________

Overgenomen van Drs. A. Kos
________________________________________
Opmerkingen:
In de koptiendenboeken van Huizen komt ook de familie Hinlopen voor. Wel met een verbasterde namen:
Tijmen Jacobsz Heenloope in 1651, 1680 en 1708
Fransoijs Heenloope 1708

_________________________________________
Afbeeldingen:
Het Hinlopen Huis te Amsterdam

Voor afbeeldingen en foto's, zie:
http://gooiland.vijftigplusser.nl/

Startpagina: http://gooijer.nl.jouwpagina.nl

Labels:


This page is powered by Blogger. Isn't yours?